Koerselpas.nl

hoofdpagina | even voorstellen | huisje huren | wandelreizen | vlinders | kajakvaren | stamboom | geografie | dammen | contact | mijn foto's | links

Geografie

Op deze pagina:

Algemeen

In dit deel zal ik een aantal geografische bijzonderheden en geodetische wetenswaardigheden onderbrengen. Te denken valt aan het geografische middelpunt van Nederland en andere landen. Het meest noordelijk, zuidelijk, westelijk of oostelijk gelegen fenomeen. Of het hoogste, diepste, grootste of kleinste. Ook zit ik te denken aan een overzicht van bijzondere geografische plaatsaanduidingen.

De boog van Struve

De geodetische boog van Struve staat sinds 2005 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. Deze boog is in de eerste helft van de 19de eeuw de grondslag geweest voor een nauwkeurige berekening van van de grootte en vorm van de aarde. Vierendertig vaste punten, die zijn gebruikt voor de meting van de driehoeksketting, zijn in ere hersteld.

De geodetische boog van Struve strekt zich over een lengte van 2.800 kilometer uit van Hammerfest in Noorwegen tot aan de monding van de Donau in de Zwarte Zee. Ten tijde van de aanleg van de vaste punten en de metingen waren er slechts twee mogendheden bij betrokken, nl. het noors-zweedse koninkrijk met aan het hoofd koning Oscar I en het russische keizerrijk met de tsaren Alexander I en Nicolaas I. Heden ten dage loopt de boog van Struve door maar liefst tien landen. Dat zijn van noord naar zuid: Noorwegen, Zweden, Finland, Rusland, Estland, Letland, Litouwen, Belarus (Wit-Rusland), Oekraïne en Moldavië.


Markering vast punt op Hogland

Aan het begin van de 19de eeuw was er een grote behoefte aan goede topografische kaarten. Een goede geodetische grondslag ontbrak echter. Onder leiding van Wilhelm von Struve kwam er een graadmeting tot stand over de meridiaan van Tartu (26 graden en 43 minuten OosterLengte). De daarvoor benodigde metingen van de driehoeksketting strekten zich uit van het russische eiland Hogland in de Finse Golf tot Jekabpils in Litouwen.

Friedrich Georg Wilhelm von Struve heeft een duitse achtergrond. Hij is in 1793 geboren in Hamburg (Altona), maar ging studeren aan de Universiteit in Tartu (huidig Estland). Hij werd een vooraanstaand astronoom en was sinds 1820 als directeur verbonden aan het observatorium in Tartu. Later was hij als wetenschapper verbonden aan de Academie van Wetenschappen van Sint Petersburg en stichtte in de nabijheid het observatorium in Pulkovo. In 1859 is Struve aldaar overleden.

Carl Friedrich Tenner werd in 1783 geboren in Viru in het huidige Estland. Hij studeert geodesie in Sint Petersburg en hij krijgt in 1809 de opdracht om een triangulatienetwerk te realiseren van Sint Petersburg naar Tallinn en vervolgens naar Tartu. In 1816 begon hij met een triangulatienetwerk vanuit het huidige Litouwen. Deze driehoeksketting liep over de meridiaan van Vilnius en reikte van Belaya (Belarus; Wit-Rusland) tot Birzai (Litouwen)

In eerste instantie hadden Wilhelm von Struve en Carl Friedrich Tenner onafhankelijk van elkaar gewerkt, maar omdat de beide uiteinden van de driehoekskettingen dicht bij elkaar lagen besloot men in 1828 deze door metingen met elkaar te verbinden. Tenner was daarbij verantwoordelijk voor de geodesie en Struve voor de astronomie. Door deze samenwerking bereikte men in 1831 een boog van ruim acht graden.

Wilhelm von Struve slaagde erin de graadmeting uit te breiden tot de Noordelijke IJszee. Het monument Meridianstøttet op de foto bevindt zich in Hammerfest en staat daar aan het uiteinde van de driehoeksketting. Generaal von Tenner breidde de graadmeting naar het zuiden uit tot aan de monding van de Donau.

Het duurde tot het jaar 1855 voordat alle hiervoor noodzakelijke driehoeksmetingen waren uitgevoerd. In totaal werden er 258 driehoeken gemeten, die min of meer langs de meridiaan van Tartu (26 graden en 43 minuten OosterLengte) in Estland gelegen zijn. De graadmeting omvatte uiteindelijk een boog van ruim 25 graden. Door deze wetenschappelijk samenwerking kon er een nauwkeurige berekening van de grootte en vorm van de aarde plaatsvinden. De officiële naam was de Russisch-Scandinavische meridiaan graadmeting. Deze graadmeting is later echter bekend geworden als de Struve Arc (geodetische boog van Struve) en wordt als de moeder der triangulaties beschouwd.

Postzegels vertellen

De finse posterijen hebben in 2010 een postzegel uitgegeven ter herinnering aan de geodetische boog van Struve. Op het kaartje van Finland is de gemeten driehoeksketting ingetekend. De oranje rondjes geven de plekken aan, waar thans een vast punt van de graadmeting in ere is hersteld. Aan de linkerzijde van de zegel staan de geografische coördinaten en de namen van deze punten opgesomd.

Arago, de meridiaan van Parijs

Binnenkort zal ik over dit onderwerp een tekst en foto's plaatsen.

Het geografisch middelpunt van Finland

Het geografisch middelpunt van Finland bevindt zich in de gemeente Piipola, even ten westen van de finse A 4.


Fotografie Kristian Koerselman

Het geografisch middelpunt van Nederland

Er zijn meerdere plaatsen in Nederland, die beweren het middelpunt van Nederland te zijn. Op grond van een artikel in het nederlands geodetisch tijdschrift ga ik ervan uit dat het geografisch middelpunt zich in de nabijheid van Lunteren bevindt. Even ten oosten van Lunteren ligt een grote zwerfkei met inscriptie. Hoewel dit niet de exacte plek is die uit de berekeningen volgt, kun je die wel in de ruimste zin als zodanig beschouwen.

Wetenswaardigheden van geografische begrippen

Algemeen


Het is mijn bedoeling om op deze plek een aantal geografische begrippen op een eenvoudige manier nader uit te leggen.

Daarbij zal ik ook een aantal wetenswaardigheden vermelden.



Plaatsbepaling op de aarde


Inleiding



Behalve dat de aarde om de zon draait, draait de aarde ook om haar eigen as. De draaiingsas van de aarde loopt van de Noordpool door het midden van de aarde naar de Zuidpool. De aarde maakt in 24 uur één omwenteling om haar eigen as.


Vorm van de aarde


Meestal wordt voor het gemak gezegd dat de aarde een bol is. Dat is echter niet helemaal correct. Je kunt dit goed begrijpen als je naar een globe van de aarde kijkt. Als je in de buurt van een pool bent, draai je in één dag in een cirkel rond die pool. Als je in de buurt van de evenaar bent, draai je op een grotere afstand van de draaiingsas rond en beschrijf je een veel grotere cirkel. Omdat je er dan ook een dag over doet om één keer rond te draaiien, doe je dit met een veel grotere snelheid. Je kunt dit ook zelf ervaren in een draaimolen; aan de buitenkant ga je veel harder dan aan de binenkant van de draaimolen. Omdat de massa van de aarde bij de evenaar sneller ronddraait dan aan de polen is de aarde wat uitgedijt (dikker) bij de evenaar. De aarde is bij de polen wat afgevlakt. Als je de aarde precies door midden zou snijden langs de draiingsas, dan zie je geen cirkel, maar een uitgerekte cirkel, die we ellips noemen. In drie dimensies spreken we dan van een ellipsoïde.



Meridiaan en lengtegraden


Een meridiaan is een denkbeeldige lijn die van de Noordpool langs het aardoppervlak naar de Zuidpool loopt. Vanaf de Noordpool kun je zo ontelbare meridianen bedenken, die allemaal even lang zijn. Als je van boven op de Noordpool van de aarde zou kijken zou je zo in alle richtingen lijnen kunnen tekenen, met de Noordpool als middelpunt. Dit is vergelijkbaar met de wijzer van de klok, die steeds een andere kant opwijst met het draaipunt van de wijzer als middelpunt.

De wijzer van de klok begint na de twaalf opnieuw te tellen. Dit is ook zo met de door de mens bedachte meridianen op aarde. De nul meridiaan loopt vanaf de Noordpool precies over het observatorium in Greenwich (dat even oostelijk van Londen is gelegen).

De volgende meridianen worden niet met cijfers aangeduid maar met het aantal graden die de betreffende meridiaan met de nul meridiaan maakt. Om die reden worden meridianen ook wel lengtegraden genoemd. Is het op de klok drie uur, dan maken de wijzers een rechte hoek, die we met 90 graden aanduiden. Bij de meridiaan spreken we van 90 graden Westerlengte. Overeenkomstig spreken we van 90 graden Oosterlengte als de meridianen een hoek van 90 graden maken vergelijkbaar met negen uur op de klok.

Staan de meridianen in elkaars verlengde (zes uur op de klok) dan is dat de meridiaan aan de overzijde van de aarde van 180 graden Westerlengte, die samenvalt met met de meridiaan van 180 graden Oosterlengte.


Parallel en breedtegraden


Loodrecht op de meridianen staan de parallelen, die ook wel breedtegraden worden genoemd. De langste parallel ligt het verst van bij polen af en wordt evenaar genoemd.
De evenaar verdeelt de aarde in het Noordelijke Halfrond en het Zuidelijke Halfrond. De evenaar zelf is de breedtegraad van 0 graden.
Evenwijdig aan de evenaar kun je evenwijdige lijnen tekenen. Dit zijn de parallellen of breedtegraden. De parallel van 45 graden Noorderbreedte ligt op die plek waar de lijn van die parallel naar het middelpunt van de aarde een hoek van 45 graden maakt met de lijn vanaf de evenaar naar het middelpunt van de aarde.

Zo kan je bedenken dat de Noordpool op 90 graden Noorderbreedte en de Zuidpool op 90 graden Zuiderbreedte ligt.

Water


Algemeen


Zonder de aanwezigheid van water zou er geen leven op aarde mogelijk zijn. Maar liefst 72% van de oppervlakte van de aarde wordt door water bedekt. Dit water bevindt zich in de oceanen, zeeën, meren en rivieren. Ook bevindt een deel van het water op aarde zich in de bodem. In koude gebieden is water aanwezig in de vorm van ijs.


Waterkringloop

Het in oceanen en zeeën verzamelde water wordt door de zon verwarmd en verdampt voor een deel. Bij deze verdamping stijgt de lucht omhoog omdat warmere lucht lichter is dan koudere lucht. Daardoor worden er wolken gevormd met veel watermoleculen. Door de verplaatsing van lichte en zwaardere lucht ontstaan er luchtstromen, waardoor de wolken naar het land geblazen worden.

Als de druppels water in een wolk te groot en te zwaar worden, vallen ze naar beneden op de aarde in de vorm van regen. Dat gebeurt vaker als de wolk door de wind tegen een berg (of andere verhoging in het landschap) wordt geblazen. De wolk moet dan opstijgen en kan dan minder water(damp) bevatten.

Als de temperatuur in de wolk onder 0° (graden) Celsius komt, worden de regendruppels hard. Daardoor vallen ze op de aarde in de vorm van hagel of sneeuw.

Rivieren zorgen ervoor dat de gevallen neerslag (regen, hagel of sneeuw) in hogere gebieden terug kan stromen naar de zee of oceaan, waarmee de waterkringloop rond is.


Oceanen en zeeën


Er zijn op de aarde vijf oceanen, namelijk de Grote of Stille Oceaan, de Atlantische, de Indische, de Zuidelijke of Antarctische Oceaan en de Noordelijke IJszee (Arctische Oceaan). In deze vijf oceanen bevindt zich 97% van al het water op aarde.

Van de resterende 3% bevindt zich 2% in bevroren toestand in de ijskappen en 1% bevindt zich in rivieren, meren het het grond- en bodemwater.

De oceanen staan met elkaar in verbinding. Door elke oceaan trekken reusachtig sterke oppervlaktestromingen. In diepere lagen van de oceaan vormen zich hierdoor weer langzamere stromingen. Deze stromingen zijn van belang voor de uitwisseling van voedingsstoffen en sedimenten.

De vijf oceanen van de wereld

naam oceaan oppervlakte
Grote of Stille Oceaan (Pacific) 155.557.000 km²
Atlantische Oceaan 76.762.000 km²
Indische Oceaan 68.556.000 km²
Zuidelijke of Antarctische Oceaan 20.327.000 km²
Arctische Oceaan of Noordelijke IJszee 14.056.000 km²


Rivieren



Inleiding


Rivieren, wat kun je daar nu over vertellen? Niet zo veel denk je op het eerste moment, maar als je een atlas pakt en de rivieren op de kaart opzoekt, komen er toch een aantal vragen naar boven.

Wat is de langste rivier?
Waar komt het water vandaan?
Hoe snel stroomt een rivier?
Waarom zitten er bochten in een rivier?.

En zo zijn er nog wel meer vragen te bedenken.



Het nut van rivieren


Rivieren vormen een onmisbare schakel ik de waterkringloop op aarde.
Daarnaast vervullen zij een belangrijke rol bij het vervoer van goederen door schepen.
Omdat een rivier altijd van hoger gelegen gebieden naar lager gelegen gebieden stroomt kan het water gebruikt worden voor de drinkwatervoorziening of beregening van akkers, als in het betreffende gebied in een periode een tekort aan water is.
Ook is het op sommige plekken mogelijk om het water tegen te houden door een stuwdam in de rivierloop te bouwen. Door het water uit het gevormde stuwmeer langs een generator te laten stromen wordt er energie (electriciteit) opgewekt.


Stroomgebied

Onder het stroomgebied van een rivier wordt het gehele gebied verstaan, van waaruit de neerslag door dezelfde (hoofd)rivier naar zee wordt afgevoerd. De meeste rivieren hebben zijrivieren, dat wil zeggen dat het water van kleinere rivieren eerst in de hoofdrivier stroomt, om samen in de zee uit te moneden.

Een voorbeeld is de Rijn, die begint uit het smeltwater van de Gotthard gletscher in Zwitserland. Stroomafwaarts komen een aantal rivieren uit in de Rijn, zoals de Neckar bij Mannheim, de Main bij Mainz en de Moezel bij Koblenz. Ook de gebieden, waarvan de gevallen neerslag via de zijrivieren wordt afgevoerd, behoren bij het stroomgebied van de hoofdrivier.

Enkele stroomgebieden in Europa

naam rivier oppervlakte lengte rivier debiet
Donau 817.000 km² 2.850 km. 6.430 m³/sec
Rijn 225.000 km² 1.326 km. 2.500 m³/sec
Rhône 98.000 km² 812 km. 1.820 m³/sec
Po 71.000 km² 652 km. 1.540 m³/sec



Waterscheiding

De grens tussen twee stroomgebieden noemen we waterscheiding. Meestal is dat een kleinere of grotere heuvel- of bergrug in het terrein. Aan de ene kant van de rug stroomt het water naar de ene hoofdrivier en vanaf de andere kant naar een andere hoofdrivier.

Binnenscheepvaart



Inleiding


De mens maakt gebruik van de rivieren om goederen per schip te vervoeren van de ene plaats naar de andere plaats. Lang niet alle rivieren zijn voor (vracht)schepen bevaarbaar. Er moet voldoende diepgang in de rivier zijn voor de scheepvaart. Door het ingrijpen van de mens kan er soms voor gezorgd worden dat er toch scheepvaart mogelijk is op de betreffende rivier.

Opwekking van energie

In de bergen en heuvels stromen de rivieren behoorlijk snel, omdat zij over een korte afstand flink dalen. Door de grote stroomsnelheid schuurt het water diepe kloven en dalen uit.
Door op een plek, waar de kloof of het dal in verhouding smal is, een stuwdam te bouwen, wordt het water achter deze dam verzameld in het zogenoemde stuwmeer. Het water wordt door een smalle buis geleid. Op deze wijze levert het water een grote kracht waarmee een turbine wordt aangedreven (die gaat ronddraaien). Aan de turbine is een generator gekoppeld, die vervolgens de electriciteit opwekt. Het water wordt daarna afgevoerd via de oude rivierloop. We noemen deze vorm van energieopwekking ook wel "witte steenkool".


Stuwdammen

In beginsel zijn er twee soorten stuwdammen te onderscheiden. De eerste soort is de gewichtsdam. Bij dit soort van dam bestaat de kern uit een ondoorlatend materiaal, zoals beton of klei. De zijden van de kern worden verstevigd met stenen, zand en klei. Deze dammen hebben een brede basis en houden het gestuwde water tegen op basis van het gewicht van de dam. Een voorbeeld van een dergelijke dam is de Norakdam die in de rivier de Vachsj in Tadzjikistan is aangelegd. De dam is 304 meter hoog en daarmee één van de hoogste ter wereld. Het stuwmeer heeft een oppervlakte van 98 vierkante kilometer en een inhoud van 10,5 kubieke meter. Een ander voorbeeld van een gewichtsdam is de Aswandam in de Nijl in Egypte.

Een tweede soort stuwdammen zijn de boogdammen. Deze dammen zijn gemaakt van gewapend beton en kennen een gebogen vorm om de druk van het water op te kunnen vangen. De "spatkracht"van het water wordt via de boog afgeleid naar de zijkanten. Deze constructie kan alleen als de zijkanten uit stevig materiaal bestaan, die de grote krachten kunnen opvangen. Een voorbeeld van een boogdam is de Sajano-Sjoesjenskaja in de rivier de Jenisej in Rusland.

De langste rivieren

nummer naam rivier continent lengte
1 Nijl Afrika 6.695 km.
2 Amazone Zuid-Amerika 6.448 km.
3 Yangzi Jiang Azië 6.380 km.
4 Mississippi Noord-Amerika 6.051 km.
5 Jenisej Azië 5.540 km.
6 Ob Azië 5.410 km.
7 Amoer Azië 5.052 km.
8 Gele Rivier Azië 4.845 km.
9 Congo Afrika 4.835 km.
Donau Europa 2.857 km.
Murray Australië 2.508 km.
Rijn Europa 1.233 km.


Onder aan de lijst heb ik de Donau en de Rijn toegevoegd. Zo zie je in één oogopslag, dat deze europese rivieren in verhouding niet zo héél lang zijn. De langste rivier van Australië is de Murray.


Meren



Inleiding

De grootste meren

nummer naam meer continent oppervlakte
1 Kaspische Zee Azië 371.000 km²
2 Lake Superior (Bovenmeer) Noord-Amerika 82.103 km²
3 Victoriameer Afrika 69.485 km²
4 Huron Meer Noord-Amerika 59.570 km²
5 Michigan Meer Noord-Amerika 57.866 km²
6 Tanganyikameer Afrika 32.893 km²
7 Bajkalmeer Azië 31.500 km²
8 Great Bear Lake Noord-Amerika 31.328 km²
9 Malawimeer Afrika 28.880 km²
10 Great Slave Lake Noord-Amerika 28.568 km²
Ladogameer Rusland, Europa 18.130 km²
Titicacameer Zuid-Amerika 8.135 km²
Lake Eyre Australië --- km²

Eilanden


De grootste eilanden

nummer naam eiland continent oppervlakte
1 Groenland Noord-Amerika 2.130.800 km²
2 Nieuw Guinea Azië 785.753 km²
3 Borneo (Indonesië) Azië 743.330 km²
4 Madagaskar Afrika 587.713 km²
5 Baffin Island Noord-Amerika (Canada) 507.451 km²
6 Sumatra (Indonesië) Azië 443.066 km²
7 Honshu (Japan) Azië 227.962 km²
8 Victoria Island Noord-Amerika (Canada) 217.291 km²
9 Groot-Brittannië Europa 216.777 km²
10 Ellesmere Noord-Amerika (Canada) 196.236 km²

Woestijnen

Er zijn 5 soorten woestijnen te onderscheiden: zandwoestijn, rotswoestijn, grindwoestijn, zoutwoestijn en ijswoestijn.

De grootste woestijnen

nummer naam woestijn continent oppervlakte
1 Antarctica Antarctica 13.829.430 km²
2 Arctis (Noordpool) Noord-Amerika, Azië, Europa 13.726.937 km²
3 Sahara Afrika 9.400.000 km²
4 Arabische Woestijn Azië 2.330.000 km²
5 Gobi Woestijn, Takla Makan Azië 1.300.000 km²
6 Kalahari (Namib Woestijn) Afrika 900.000 km²
7 Patagonische Woestijn Zuid-Amerika 673.000 km²
8 Grote Victoria Woestijn Oceanië 647.000 km²
9 Grote Bekken Woestijn (Great Basin) Noord-Amerika 520.000 km²

Begrippenlijst


breedtegraden

debiet

delta

lengtegraden

meridiaan

Noordelijk Halfrond

Oostelijk Halfrond

parallel

stroomgebied

verhang

verval

wadi

waterkringloop

waterscheiding

Westelijk Halfrond

Zuidelijk Halfrond